In de Middeleeuwen waren ridderorden gemeenschappen van
ridders. Ze werden opgericht om specifieke taken te vervullen, zoals de bescherming van
het Heilige Graf. Deze ridders behoorden tot de adelstand. Hun onderscheidingstekens
verwezen dus naar de adel.
Later werd het woord 'ridderorden' alleen gebruikt voor het onderscheidingsteken. De vorst
gebruikte zo'n ridderorde als een bewijs van zijn gunst. Oorspronkelijk werden ridderorden
alleen aan adellijke personen uitgereikt. In de loop der eeuwen is de verbinding tussen
ridderorden en adel verdwenen.In de periode van de Republiek der Verenigde Nederlanden
waren er geen orden. Wel werden er destijds 'triumphpenningen' in goud of zilver
uitgereikt aan militairen, wegens moed of uitstekend beleid.
De eerste Nederlandse onderscheiding die aan een lint werd gedragen, was de zogenoemde
Doggersbankmedaille. De draagmedaille werd op voorstel van stadhouder prins Willem V
toegekend naar aanleiding van de slag bij de Doggersbank op 5 augustus 1781. De
Doggersbankmedaille is daarmee de voorloper van de huidige Nederlandse orden en andere
decoraties.
In 1806 stelde Koning Lodewijk Napoleon de Orde van de Unie in. Daarmee wordt hij
beschouwd als de insteller van de allereerste officiële Nederlandse civiele orde. Toen
Nederland in 1810 onderdeel werd van Frankrijk verviel de Orde van de Unie. Om deze te
vervangen, stelde Napoleon in 1811 de Orde van de Réunie in. Toen Napoleon in 1815
definitief werd verslagen, verviel daarmee ook de Orde van de Réunie. |
|

Medaille van Doggersbank |
|